Opleiding verkeersregelaar

Opleiding tot verkeersregelaar

De opleiding tot verkeersregelaar bestaat uit een theorie- en praktijkcursus. Tijdens het theoriegedeelte krijgt de verkeersregelaar alles te horen over de verkeerswetgeving, veiligheid, remafstanden en andere onderdelen die nodig zijn om de praktijk beter te begrijpen. Tijdens de praktijk leert de verkeersregelaar om het (dynamische) verkeer te regelen.

Theorie

De theoriecursus vormt de basis voor de praktijkcursus. Zo moet de verkeersregelaar weten wat zijn wettelijke status is als verkeersregelaar maar ook de verkeersregels en verkeerstekens zijn van groot belang. Het theoriecertificaat moet daarom ook in bezit zijn voordat met de praktijkcursus mag worden begonnen. De theorie bestaat uit de volgende onderdelen:

  • Het leren van de wettelijke status van de verkeersregelaar
  • Theorie Wegenverkeerswet
  • Theorie Regelement van verkeersregels en verkeerstekens
  • Theorie Regeling verkeersregelaars
  • Verzekeringen
  • Het theorie-examen

Praktijk

Tijdens het praktijk-gedeelte leert de verkeersregelaar de verschillende verkeersstromen op de juiste wijze te begeleiden. Er wordt gestart met het gemakkelijkste: het geven van een stopteken. Daarna wordt het steeds een graadje moeilijker totdat de verkeersregelaar het verkeer zelfstandig regelt op een kruising met 4 uitvalswegen, een Verkeersregelinstallatie en omliggende fietspaden. Het praktijkgedeelte bestaat uit een aantal onderdelen:

  • Het geven van het stopteken
  • De om- en om regeling
  • Het regelen van verkeer op een kleine kruising
  • Het regelen van verkeer op een grote kruising
  • Het praktijkexamen

Het verkeersregelaar-examen

Zowel de theorie- als praktijkcursus moet worden afgesloten met een examen. Het praktijkexamen mag pas plaatsvinden als het theorie-examen is behaald. Aan het einde van de theoriecursus wordt het dit eerste examen afgenomen. De kennis wordt getoetst aan de hand van diverse multiplechoicevragen.

Het praktijkexamen wordt afgenomen door een vertegenwoordiger van de politie. Tijdens dit examen wordt er gekeken naar de geschiktheid van de kandidaat om als verkeersregelaar op te treden, hierbij wordt onder andere gekeken naar of de kandidaat-verkeersregelaar gedurende 15 minuten het verkeer op adequate en veilige wijze kan regelen. Hierbij gaat het om het kiezen van de juiste positie voor het geven van aanwijzingen aan het verkeer.

Het verkeersregelaar-certificaat

De verkeersregelaar krijgt een getuigschrift nadat alle vereiste examens met goed gevolg zijn afgelegd. Op het certificaat staat een waarmerk van de Politie waaruit blijkt dat de cursus met succes is afgerond. Het certificaat is nog bij het aanvragen van de aanstellingspas. Met deze aanstellingspas kan de verkeersregelaar aantonen dat hij bevoegd is om de handelingen uit te voeren. Deze pas dient de verkeersregelaar tijdens het uitoefenen van de werkzaamheden altijd bij zich te dragen.

Verklaring Omtrent het Gedrag

Een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) is een verklaring waaruit blijkt dat gedrag uit het verleden geen bezwaar vormt voor het vervullen van de taak als Verkeersregelaar. De kandidaat voor het de functie van Verkeersregelaar kan met deze VOG gedrag aantonen dat er geen zorgelijk gedrag is vertoond in het verleden, waarbij met extra aandacht wordt gekeken naar het verkeersgedrag.

Tekens van de verkeersregelaar

Bron foto: http://www.anwb.nl/verkeer/veiligheid/de-verkeersregelaar

Terug